Vanaf vandaag, 1 juli, schuift Toon Reijers uit Puiflijk aan in de nieuwste aflevering van de Maos en Waolse Praotcast. Levendig en met gevoel voor detail neemt hij de luisteraar mee naar het Maos en Waol van vroeger, waar hard werken, familiebanden en het boerenleven centraal stonden.
Reijers, geboren onderaon d’n Hucht, groeide op in een boerengezin aan de Meerstraat in Puiflijk, waar hij nog steeds woont. Al op jonge leeftijd moest hij meehelpen op de boerderij. Nachtelijke controles bij koeien die moesten kalveren, het verzorgen van biggen en het werken op het land waren vanzelfsprekende onderdelen van zijn jeugd. ‘Meehelpe hurde d’r gewoon bij,’ vertelt hij. ‘D’r mog gin hok gemakt worre vurdè ’t kalf gebore werd,’ was een wijze levensles van zijn vader.
Hoewel hij als jongen graag bakker had willen worden, liep het door omstandigheden anders. Uiteindelijk kwam Toon terecht in de opleiding tot automonteur. Dat vak zou hij vervolgens bijna een halve eeuw uitoefenen. ‘Nne echte ‘haèndige kloot’, zoals ze in Maas en Waal zeggen.
Tijdens het gesprek haalt Reijers tal van herinneringen op aan verdwenen gebruiken. Zo vertelt hij uitgebreid over het telen en verwerken van tabak, een gewas dat vroeger op veel plaatsen in Maas en Waal werd verbouwd. Het drogen van de bladeren op zolders, het aonspeilen (aanrijgen) van de tabaksbladeren en de invloed van het werk op het dagelijks gezinsleven komen uitgebreid aan bod. ‘Mit de katechismus in d’n haend moeste we de tabaksplaentjes giete.’
Ook het jagen in vroeger tijden passeert de revue. Met smakelijke anekdotes beschrijft Toon de drijfjachten waarbij soms meer geluk dan vaardigheid nodig was om veilig thuis te komen.
Naast zijn werk en herinneringen aan de landbouw blijkt Toon nog altijd een groot dierenliefhebber. Hij houdt onder meer schapen en geniet volop van het buitenleven.
Aan het einde van de Praotcast komt ook de Maos en Waolse woordenschat uitgebreid aan bod. Reijers deed in 2015 mee aan ’t laotste Maos en Waals Dictee en weet nog veel streekwoorden moeiteloos te verklaren. Zijn favoriete dialectwoord is, naast ‘slumke’, ‘n haorgetouw: het gereedschap waarmee vroeger een zeis werd gescherpt.Met zijn verhalen schetst Toon Reijers een levendig beeld van een Maos en Waol dat in veel opzichten verdwenen is, maar dankzij zijn herinneringen nog altijd voortleeft.
Henk van Elk vertelt met zijn verhaal Vaen kooikerhundjes èn veldwachters het een en ander over ’n endekooi.
Rinie van Haren laat met zijn gedicht Nege maonde zien dat poëzie al vroeg in de mens geboren wordt. Beluister deze en eerdere afleveringen via Spotify, SoundCloud of de website maos-en-waolse-praotcast.jimdosite.com.





